Boetebedragen Nederland,Duitsland&België

 Nederland

Algemeen

Bumperkleven bij eens snelheid tot 80 km/u € 280
Bumperkleven bij snelheid > 80 km/u onderlinge afstand > 3 meter € 340
Bumperkleven bij Snelheid 100 km/u t/m 120 km/u onderlinge afstand > 3 meter € 600
Bumperkleven bij Snelheid 100 km/u t/m 120 km/u onderlinge afstand < 3 meter € 600
Als bestuurder tijdens het rijden een mobiele telefoon vasthouden € 240
Een kruispunt blokkeren € 230
Rijden terwijl de geldigheidsduur van het rijbewijs is verstreken € 90
Als 17-jarige bestuurder en deelnemer aan het experiment begeleid rijden een motorrijtuig besturen zonder een in de begeleiderspas vermelde begeleider € 140
Geen voorrang verlenen aan bestuurders van rechts € 230
Geen voorrang verlenen aan een tram € 230
Een militaire colonne doorsnijden € 95
Afslaan zonder richting aan te geven € 95
Bij het afslaan tegemoet komend verkeer niet voor laten gaan € 230
Met een motorrijtuig rijden terwijl het kentekenbewijs niet behoorlijk leesbaar is € 95
Met een motorrijtuig rijden terwijl het kenteken niet behoorlijk leesbaar is € 130
Buiten noodzaak stilstaan op de vluchtstrook of vluchthaven € 230
Passagiers die bij een tram of autobus willen in- of uitstappen daartoe geen gelegenheid geven € 390
Geen gevarendriehoek plaatsen bij een obstakel (stilstaand motorvoertuig of aanhangwagen) € 140

 

Parkeren

Een voertuig op een zodanige wijze laten staan waardoor op de weg gevaar wordt/kan worden veroorzaakt, dan wel het verkeer wordt/kan worden gehinderd € 140
Als bestuurder een voertuig laten stilstaan op een kruispunt € 140
Als bestuurder een voertuig laten stilstaan op een fietsstrook € 95
Als bestuurder een voertuig parkeren bij een kruispunt op een afstand van minder van 5 meter daarvan € 95
Een voertuig dubbel parkeren € 95
Parkeren op plaatsen die voorzien zijn van een blauwe streep, zonder dat er een parkeerschijf in de auto aanwezig is € 95
Parkeren zonder parkeermeter in werking te stellen/dan wel parkeertijd is verstereken € 95

Algemeen

 

  • Het niet plaatsen van een gevarendriehoek bij een stilstaand motorvoertuig terwijl geen knipperend waarschuwingslicht wordt gevoerd – 140 euro
  • Door rood rijden – 240 euro
  • Niet rijden bij een groen verkeerslicht – 140 euro
  • Als weggebruiker niet stoppen voor rood knipperlicht bij overweglichten – 240 euro
  • Als weggebruiker niet stoppen voor rood (knipper)licht bij bruglichten – 240 euro
  • Als bestuurder van een motorvoertuig, als bromfietser of snorfietser onnodig geluid veroorzaken met dat voertuig – 390 euro
  • Als bestuurder van een voertuig tijdens het rijden een mobiel elektronisch apparaat dat gebruikt kan worden voor communicatie of informatieverwerking vasthouden – 240 euro
  • Als bestuurder van een motorvoertuig, als bromfietser of snorfietser onnodig geluid veroorzaken met dat voertuig – 390 euro
  • Het niet plaatsen van een gevarendriehoek in de voorgeschreven gevallen, op de voorgeschreven wijze bij een stilstaand motorvoertuig op meer dan twee wielen en aanhangwagens, zijnde een obstakel, terwijl geen knipperend waarschuwingslicht wordt gevoerd – 140 euro
  • Als het voertuigidentificatienummer niet is ingeslagen of goed leesbaar is – 240 euro
  • Als het kenteken niet goed leesbaar is of de kentekenpla(a)t(en) is/zijn afgeschermd – 140 euro
  • Als weggebruiker op een autosnelweg gebruikmaken van de berm, zonder noodgeval – 140 euro
  • Als weggebruiker op een autosnelweg op de vluchtstrook of vluchthaven stilstaan, zonder noodgeval – 240 euro
  • Als bestuurder van een samenstel van voertuigen dat langer is dan 7 meter, op een autosnelweg met drie of meer rijstroken in dezelfde richting een andere dan de twee meest rechts gelegen rijstroken gebruiken – 240 euro
  • Als bestuurder van een vrachtauto, op een autosnelweg met drie of meer rijstroken in dezelfde richting een andere dan de twee meest rechts gelegen rijstroken gebruiken – 240 euro
  • Als bestuurder een motorvoertuig binnen een erf parkeren anders dan op parkeerplaatsen die als zodanig zijn aangeduid of aangegeven – 95 euro
  • Als weggebruiker een voorrangsvoertuig niet voor laten gaan – 240 euro
  • Als bestuurder een tram of autobus voorbij rijden aan de zijde waar passagiers in- en uitstappen zonder hen daartoe de gelegenheid te geven – 390 euro
  • Als bestuurder van een motorvoertuig een ander motorvoertuig slepen, terwijl de onderlinge afstand meer dan vijf meter bedraagt – 95 euro

Verkeersregels

  • Als bestuurder van een motorvoertuig niet zoveel mogelijk rechts houden op een autoweg of autosnelweg – 140 euro
  • Als bestuurder van een voertuig niet zoveel mogelijk rechts houden op een andere weg dan autoweg of autosnelweg – 240 euro
  • Als bestuurder van een motorvoertuig niet de rijbaan gebruiken door te rijden over het trottoir, het voetpad, het fietspad, het fiets/bromfietspad of het ruiterpad – 140 euro
  • Als bestuurder van een motorvoertuig niet de rijbaan gebruiken door stil te staan op het trottoir, het voetpad, het fietspad, het fiets/bromfietspad of het ruiterpad – 95 euro
  • Als bestuurder van een motorvoertuig een met een doorgetrokken streep gemarkeerde fietsstrook gebruiken – 140 euro
  • Als bestuurder niet links inhalen – 240 euro
  • Als bestuurder een kruispunt blokkeren – 240 euro
  • Als bestuurder op een kruispunt geen voorrang verlenen aan bestuurders van rechts – 240 euro
  • Als bestuurder op een onverharde weg geen voorrang verlenen aan bestuurders op een verharde weg – 240 euro
  • Als bestuurder geen voorrang verlenen aan bestuurders van een tram – 240 euro
  • Als weggebruiker een overweg opgaan, terwijl men niet direct kan doorgaan en de overweg niet geheel vrij kan maken – 240 euro
  • Als weggebruiker een militaire kolonne doorsnijden – 95 euro
  • Als weggebruiker een uitvaartstoet van motorvoertuigen doorsnijden – 95 euro
  • Als bestuurder afslaan zonder een teken met de richtingaanwijzer of met de arm te geven – 95 euro
  • Als bestuurder bij het afslaan niet het verkeer voor laten gaan, dat hem op dezelfde weg tegemoet komt – 240 euro
  • Als bestuurder bij het afslaan niet het verkeer voor laten gaan, dat zich naast dan wel links dicht achter hem bevindt – 240 euro
  • Als bestuurder bij het afslaan niet het verkeer voor laten gaan, dat zich naast dan wel rechts dicht achter hem bevindt – 240 euro
  • Als bestuurder links afslaan zonder tegemoetkomende bestuurders die op hetzelfde kruispunt rechts afslaan, voor te laten gaan – 240 euro
  • Een voertuig op een zodanige wijze laten staan waardoor op de weg gevaar wordt/kan worden veroorzaakt, dan wel het verkeer wordt/kan worden gehinderd – 140 euro

Als bestuurder een voertuig laten stilstaan

  • op een kruispunt – 140 euro
  • op een fietsstrook – 95 euro
  • op de rijbaan langs een fietsstrook – 95 euro
  • op een oversteekplaats of binnen een afstand van vijf meter daarvan – 95 euro
  • in een tunnel – 95 euro
  • bij een bord bushalte ter hoogte van de geblokte markering – 95 euro
  • bij een bord bushalte op een afstand van minder dan twaalf meter van dat bord terwijl de geblokte markering niet is aangebracht – 95 euro
  • op de rijbaan langs een busstrook – 95 euro
  • langs een gele doorgetrokken streep – 95 euro
  • op een overweg – 95 euro

Als bestuurder een voertuig parkeren

  • bij een kruispunt op een afstand van minder dan vijf meter daarvan – 95 euro
  • voor een inrit of uitrit – 95 euro
  • buiten de bebouwde kom op de rijbaan van een voorrangsweg – 95 euro
  • op een parkeergelegenheid terwijl blijkens de aanduiding op of onder het bord, dat voertuig niet behoort tot de aangegeven categorie of groep voertuigen als bestuurder een voertuig parkeren – 95 euro
  • langs een gele onderbroken streep – 95 euro
  • een voertuig dubbel parkeren – 95 euro
  • Als het motorvoertuig niet is voorzien van een duidelijk zichtbare achter de voorruit geplaatste parkeerschijf – 95 euro
  • Als de toegestane parkeerduur is verstreken – 95 euro
  • Als bestuurder op een gehandicaptenparkeerplaats parkeren anders dan met een motorvoertuig op meer dan twee wielen waarin duidelijk zichtbaar is aangebracht een geldige gehandicaptenparkeerkaart – 390 euro
  • als bestuurder op een gehandicaptenparkeerplaats parkeren anders dan met een voertuig dat voor die gereserveerde gehandicaptenparkeerplaats bestemd is – 390 euro

Reglement rijbewijzen

  • Als bestuurder van een motorrijtuig rijden terwijl het kentekenbewijs niet behoorlijk leesbaar is – 45 euro
  • Het kenteken niet behoorlijk zichtbaar aanwezig hebben op of aan een motorrijtuig of de aanhangwagen – 140 euro
  • Voor een kentekenplichtig motorrijtuig met een toegestane maximummassa van 3500 kg of minder is geen keuringsbewijs afgegeven – 140 euro
  • Voor een kentekenplichtig motorrijtuig of aanhangwagen met een toegestane maximummassa van meer dan 3500 kg is geen keuringsbewijs afgegeven – 400 euro
  • Als bestuurder van een motorrijtuig rijden terwijl het rijbewijs niet voldoet aan de gestelde eisen – 45 euro
  • Als bestuurder van een motorrijtuig rijden terwijl het rijbewijs zijn geldigheid heeft verloren door het verstrijken van de geldigheidsduur, waarbij de geldigheidsduur één jaar of minder is verstreken – 95 euro
  • Als bestuurder van een motorrijtuig rijden terwijl het rijbewijs niet behoorlijk leesbaar is – 95 euro
  • Als houder van een rijbewijs B dat met het oog op deelname aan begeleid rijden was afgegeven, jonger dan 18 jaar een motorrijtuig waarvoor rijbewijs B is vereist besturen zonder dat een op de begeleiderspas vermelde begeleider op de zitplaats naast de bestuurder zat – 140 euro
  • Niet meewerken aan het onderzoek van de psychomotorische functies en de oog- en spraakfuncties en/of de aanwijzingen die in dat kader worden gegeven niet opvolgen – 240 euro

Verlichting

  • Geen dim- of grootlicht voeren bij nacht binnen de bebouwde kom – 95 euro
  • Geen dim- of grootlicht voeren bij nacht buiten de bebouwde kom – 140 euro
  • Geen dim- of grootlicht voeren bij slecht zich overdag – 140 euro
  • Het hinderen van tegenliggers door groot licht – 140 euro
  • Achterlichten die niet branden bij nacht buiten de bebouwde kom – 95 euro
  • Achterlichten die niet branden bij nacht binnen de bebouwde kom – 140 euro
  • Achterlichten die niet branden bij dag bij slecht zicht – 140 euro
  • Onnodig mistlicht voeren – 95 euro

Bijzondere manoeuvres

  • Als bestuurder wegrijden zonder het overige verkeer voor te laten gaan – 240 euro
  • Als bestuurder achteruitrijden zonder het overige verkeer voor te laten gaan – 240 euro
  • Als bestuurder uit een uitrit de weg oprijden zonder het overige verkeer voor te laten gaan – 240 euro
  • Als bestuurder vanaf een weg een inrit oprijden zonder het overige verkeer voor te laten gaan – 240 euro
  • Als bestuurder keren zonder het overige verkeer voor te laten gaan – 240 euro
  • Als bestuurder van de invoegstrook de doorgaande rijbaan oprijden zonder het overige verkeer voor te laten gaan – 240 euro
  • Als bestuurder van de doorgaande rijbaan de uitrijstrook oprijden zonder het overige verkeer voor te laten gaan – 240 euro
  • Als bestuurder van rijstrook wisselen zonder het overige verkeer voor te laten gaan – 240 euro

 

Autogordels en kinderbeveiligingssystemen

Als bestuurder van een personenauto, bedrijfsauto, een driewielig motorvoertuig met gesloten carrosserie of een brommobiel

  • een passagier jonger dan 12 jaar en korter dan 1.35 meter vervoeren, zonder dat gebruik wordt gemaakt van een voor hem/hen geschikt en goedgekeurd kinderbeveiligingssysteem – 140 euro
  • een passagier jonger dan 12 jaar en met een lengte van 1.35 meter of meer vervoeren, zonder dat gebruik wordt gemaakt van een voor hem/hen beschikbare autogordel – 140 euro
  • op de voorste zitplaats een passagier in de leeftijd van 3 tot 18 jaar en korter dan 1.35 meter vervoeren, zonder dat een autogordel of goedgekeurd kinderbeveiligingssysteem beschikbaar is – 140 euro
  • een passagier jonger dan 3 jaar vervoeren, terwijl geen autogordel of kinderbeveiligingssysteem beschikbaar is – 140 euro
  • terwijl de zitplaatsen voor passagiers zijn voorzien van autogordels, meer passagiers vervoeren dan er autogordels aanwezig zijn – 140 euro
  • een passagier jonger dan 18 jaar in een naar achteren gericht kinderzitje op een passagierszitplaats vervoeren, terwijl de voorairbag van die zitplaats niet is uitgeschakeld – 140 euro
  • in een taxi op een van de voorste zitplaatsen (een) passagier(s) vervoeren jonger dan 18 jaar en met een lengte van minder dan 1.35 meter, terwijl geen kinderbeveiligingssysteem aanwezig is – 140 euro
  • een passagier jonger dan 12 jaar vervoeren terwijl de autogordel, de veiligheidsgordel of het kinderbeveiligingssysteem in een personenauto, bedrijfsauto, een driewielig motorvoertuig met gesloten carrosserie of een brommobiel wordt gebruikt op een wijze die de beschermende werking ervan negatief beïnvloedt of kan beïnvloeden – 140 euro
  • de autogordel, de veiligheidsgordel of het kinderbeveiligingssysteem in een personenauto, bedrijfsauto, een driewielig motorvoertuig met gesloten carrosserie of een brommobiel gebruiken op een wijze die de beschermende werking ervan negatief beïnvloedt of kan beïnvloeden – 140 euro
  • als bestuurder van een personenauto, bedrijfsauto, een driewielig motorvoertuig met gesloten carrosserieof een brommobiel een passagier vervoeren die gebruik maakt van een rolstoel, terwijl de rolstoel niet is vastgezet op een wijze die de stabiliteit van de rolstoel en de veiligheid van de rolstoelgebruiker waarborgt – 240 euro

Handig om te weten:

  • als er op de zitbank al twee kinderbeveiligingssystemen zijn aangebracht en in gebruik zijn, waardoor er geen plaats meer is voor een derde zitje, dan mogen kinderen van 3 jaar en ouder een autogordel gebruiken in plaats van een kinderbeveiligingssysteem.
  • In incidentele gevallen mogen kinderen vanaf 3 jaar de autogordel gebruiken op de achterbank als niet verwacht kan worden dat de bestuurder een kinderbeveiligingssysteem bij zich heeft. Het gaat hierbij wel alleen voor korte afstanden. Volgens het ministerie is dat maximaal 50 kilometer. Scenario’s zijn bijvoorbeeld vervoer naar een kinderfeestje, naar het zwembad of als je bijvoorbeeld begeleider bij de scouting bent en incidenteel kinderen die jonger en kleiner zijn vervoert, bijvoorbeeld op een kamp.

 

VOERTUIG (AANHANGWAGEN)

– Het voertuig is niet voorzien van een goed werkende ruitenwisserinstallatie: 140 euro
– Het voertuig is niet voorzien van noodzakelijke spiegels: 140 euro
– De zitplaatsen, rugleuningen of verstelrichtingen zijn niet deugdelijk: 140 euro
– Het voertuig heeft scherpe delen die lichamelijk letsel kunnen veroorzaken bij een botsing: 230 euro
– Het voertuig heeft uitstekende delen die lichamelijk letsel kunnen veroorzaken bij een botsing: 230 euro
– Niet deugdelijk bevestigde koppeling met aanhangwagen: 230 euro
– Met één motorvoertuig meer dan één auto slepen: 230 euro
– Goederen die niet deugdelijk zijn bevestigd op, in of aan een deugdelijke lastdrager: 140 euro
– Aanhangwagen met niet functionerende verlichting: 140 euro
– De lading van het voertuig heeft scherpe delen (geldt niet voor lading of delen hoger dan 2 m boven wegdek): 230 euro

SNELHEID

 

Snelheids overschrijding (km/u) Binnen de bebouwde kom 30 km/u zone of werkzaamheden binnen de bebouwde kom Buiten de bebouwde kom Werkzaamheden buiten de bebouwde kom Snelweg Snelweg werkzaamheden
1 km/u
2 km/u
3 km/u
4 km/u 28 47 25 38 25 33
5 km/u 35 56 32 46 30 40
6 km/u 43 65 38 55 37 50
7 km/u 49 76 45 64 44 60
8 km/u 56 87 51 74 50 69
9 km/u 64 98 60 81 57 79
10 km/u 72 108 68 91 64 88
11 km/u 98 137 92 116 88 113
12 km/u 107 148 102 128 96 124
13 km/u 118 161 112 140 103 134
14 km/u 127 174 121 151 112 145
15 km/u 137 188 131 162 121 155
16 km/u 147 201 140 176 131 168
17 km/u 158 215 150 190 141 181
18 km/u 170 230 160 203 152 194
19 km/u 181 245 173 216 162 207
20 km/u 194 260 185 230 174 221
21 km/u 207 277 196 245 186 235
22 km/u 221 294 209 260 196 248
23 km/u 235 310 221 276 209 263
24 km/u 247 328 235 290 221 277
25 km/u 263 347 248 308 232 295
26 km/u 277 367 263 325 245 310
27 km/u 295 387 276 340 257 326
28 km/u 309 405 290 359 267 343
29 km/u 325 423 308 377 282 359
30 km/u 340 324 394 297 377
31 km/u 311
32 km/u 326
33 km/u 340
34 km/u 357
35 km/u 372
36 km/u 388
37 km/u 404
38 km/u 420
39 km/u 431

Let op! De vermelde bedragen zijn exclusief €9,- administratiekosten.

Bovenstaande informatie is zorgvuldig samengesteld.
De redactie van Trucker Appy is echter niet aansprakelijk voor eventuele schrijf- en typfouten.

Boetes Duitsland

 Verkeersregels algemeen
  • Binnen de bebouwde kom geldt een maximum toegestane snelheid van 50 km/u, tenzij door verkeerstekens anders wordt aangegeven.
  • Buiten de bebouwde kom geldt een maximum toegestane snelheid van 100 km/u, tenzij door verkeerstekens anders aangegeven.
  • Op autosnelwegen geldt een adviessnelheid van 130 km/u, tenzij door verkeerstekens anders aangegeven.
  • Iedere bestuurder dient de snelheid zodanig aan te passen, dat volledig beheersing van het voertuig mogelijk blijft.
  • Bij een zicht van minder dan 50 meter, mag niet sneller gereden worden dan 50 km/u.
  • Een bestuurder moet zijn snelheid aanpassen en mag – zonder goede reden – niet zodanig langzaam rijden, dat andere bestuurders worden gehinderd.

 

Verwarnung of Bussgeldbescheid

In Duitsland worden de lichte overtredingen beboet volgens de “Verwarnung”. Voor zwaardere overtredingen geldt een “Bussgeldbescheid”. De Verwarnung moet binnen korte tijd betaald worden (binnen één week), betaalt u niet of te laat, dan wordt de Verwarnung omgezet naar een Bussgeldbescheid. Dit heeft als gevolg dat de boete hoger zal uitvallen.

Boete – Bezwaar indienen

Bij een Verwarnung kunt u geen bezwaar indienen, bij een Bussgeldbescheid kan dit binnen twee weken na ontvangst van het Bussgeldbescheid. U kunt zich dan wenden tot de instantie die op het Bescheid vermeld staat.

Veelvoorkomende verkeersboetes voor overtredingen in Duitsland

 

Boete snelheidsovertreding Duitsland voor 2020

De hoogte van de boetebedragen voor snelheidsovertredingen in Duitsland zijn ingedeeld in boetes “binnen de bebouwde kom” en in boetes “buiten de bebouwde kom”. Daarnaast wordt er bij overtredingen van de maximum toegestane snelheid bij het vaststellen van de hoogte van de boetebedragen een onderscheid gemaakt tussen “normale” en “slechte” weersomstandigheden, waarbij het zicht minder bedraagt dan 50 meter.

Correctie op de gemeten snelheidsovertreding
  • 3 km/u bij overschrijden van de maximumsnelheid tot en met 100 km/u bij flitsen.
  • 3% bij overschrijden van de maximumsnelheid boven 100 km/u bij flitsen.
  • 4 – 5 km/u bij overschrijden van de maximumsnelheid tot en met 100 km/u bij videoregistratie vanuit rijdend voertuig.
  • 4% km/u bij overschrijden van de maximumsnelheid boven 100 km/u bij videoregistratie vanuit rijdend voertuig.

 

Over het algemeen geldt

Hoe hoger de snelheid, des groter de zijdelingse afstand bij inhalen.

Boete snelheidsovertreding binnen en buiten de bebouwde kom
Binnen de bebouwde kom

Overschrijding van de maximumsnelheid binnen de bebouwde kom en 30 km-zone.

Km/u tot 10 11-15 16-20 21-25 26-30 31-40 41-50 51-60 61-70 > 70
Euro 15 25 35 80 100 160 200 280 480 680

 

Buiten de bebouwde kom

Overschrijding van de maximumsnelheid buiten de bebouwde kom

Km/u tot 10 11-15 16-20 21-25 26-30 31-40 41-50 51-60 61-70 > 70
Euro 10 20 30 70 80 120 160 240 440 600

 

Binnen bebouwde kom – Slechte weersomstandigheden

Overschrijding van de maximumsnelheid binnen de bebouwde kom bij een zicht van minder dan 50 meter, bij mist, hevige sneeuwval en/of regen.

Km/u tot 25 26-30 31-40 41-50 51-60 61-70 >70
Euro 80 100 160 200 280 480 680

 

Buiten bebouwde kom – Slechte weersomstandigheden

Overschrijding van de maximumsnelheid buiten de bebouwde kom bij een zicht van minder dan 50 meter, bij mist, hevige sneeuwval en/of regen.

Km/u tot 25 26-30 31-40 41-50 51-60 61-70 >70
Euro 80 120 160 200 240 440 600

 

Boete niet aanhouden voldoende volgafstand, oftewel “bumperkleven”

De hoogte van de boete – in euro’s – bij bumperkleven op autowegen en autosnelwegen is afhankelijk van de gereden/gemeten snelheid in combinatie met de afstand die aangehouden wordt ten opzichte van de voorligger. Het boetebedrag wordt bepaald door een percentage van de helft van de gereden/gemeten snelheid.

Onvoldoende volgafstand/bumperkleven tot een snelheid van 80 km/u
  • Onvoldoende afstand (bumperkleven) tot een voorligger binnen de bebouwde kom 25 euro.
  • Onvoldoende afstand (bumperkleven) tot een voorligger tot 80 km/u 25 euro.

 

Vuistregel volgafstand

De vuistregel is: de afstand tot de voorligger is ongeveer de helft van de aangegeven waarde op de snelheidsmeter. Enkele voorbeelden voor een veilige afstand tot de voorligger bij een snelheid van:

  • 50 km/u = 25 meter
  • 80 km/u = 40 meter
  • 100 km/u = 50 meter
  • 130 km/u = 65 meter

Om de afstand te bepalen zoekt u een vast oriëntatiepunt zoals een lantaarnpaal, hectometerpaaltje (100 meter) aan de hand waarvan u de juiste afstand tot een voorligger bepaalt.

Afstand tot de voorligger is minder dan Boete bij 80 en 100 km/u Boete bij 130 km/u
5/10 x de helft van de gemeten snelheid. 75 100
4/10 x de helft van de gemeten snelheid. 100 180
3/10 x de helft van de gemeten snelheid. 160 240
2/10 x de helft van de gemeten snelheid. 240 320
1/10 x de helft van de gemeten snelheid. 320 400

 

Boete autosnelwegen en autowegen

Motorvoertuigen die een minimumsnelheid van 60 km/u kunnen en mogen rijden, mogen gebruik maken van de autosnelweg.
Op autosnelwegen zal invoegen en uitrijden alleen op de daartoe aangelegde invoeg- en uitrijstroken plaatsvinden. Op autowegen zal het verkeer veelal via kruispunten de autowegen op- en af rijden. Op beide wegen geldt de verplichting zoveel mogelijk rechts te rijden. Bij inhalen mag (tijdelijk) de linker rijstrook gebruikt worden.

Vaststelling van de boetes in het algemeen

Er wordt in Duitsland vaak een onderscheid gemaakt tussen het begaan van een “standaard” overtreding, en overtredingen waarbij ernstige hinder of gevaar voor een ander ontstaat en de overtreding waardoor schade veroorzaakt wordt. Het boetebedrag wordt hoger naarmate de gevolgen van de gemaakte overtreding groter zijn. Voor de vermelde boetebedragen in de kolommen geldt:

  1. Standaard overtreding.
  2. Overtreding ernstige hinder of gevaar.
  3. Overtreding waardoor schade wordt veroorzaakt.

 

Feit of overtreding Boete 1 Boete 2 Boete 3
Ongeoorloofd inhalen. 30
Ongeoorloofd parkeren. 70
Ongeoorloofd gebruik maken van berm of vluchtstrook. 75
Nier zoveel mogelijk op de rechter rijstrook rijden. 80
Gebruik maken van de weg met voertuigen die niet sneller kunnen rijden dan 60 km/u. 20
Gebruik maken van de weg met voertuigen die -inclusief lading- hoger zijn dan 4.20 meter. 70
Ongeoorloofd stilstaan op op- en afritten. 25 35
Bij stremmend verkeer voorrangsvoertuigen geen gelegenheid geven. 200
Bij invoegen het verkeer op de doorgaande rijbaan niet voor laten gaan. 75 90 110
Als voetganger de weg gebruiken. 10

 

Boete verlenen voorrang – voor laten gaan

Bij het verlenen van voorrang geldt de basisregel “rechts gaat voor links”. Dit tenzij de voorrang door verkeersborden/-tekens anders wordt geregeld. Kruispunten moeten met gepaste snelheid genaderd worden. Zoek bij twijfel (oog)contact met de andere weggebruiker.

Attentie

Bij uitrijden/verlaten van uitritten, overrijden van trottoirs, bij kantstrepen op de rijbaan, bij parkeerstrepen en verlaten van een erf is een bestuurder verplicht kruisende bestuurders voor te laten gaan alvorens zich in de verkeersstroom te mengen. “rechts voor links” geldt niet. Ook het overige verkeer (voetgangers) moet een bestuurder voor laten gaan.

Feit of overtreding Boete 1 Boete 2 Boete 3
Te snel aan komen rijden bij een voorrangsweg. 10
De regel “rechts voor links” niet in acht nemen, waarbij hinder ontstaat. 25
Stopbord negeren, waarbij gevaar ontstaat. 70
Verkeer niet voor laten gaan bij wegversmalling. 5
Negeren van de stopstreep. 10
Te snel naderen van een voetgangersoversteekplaats, waarbij voetgangers geen gelegenheid wordt gegeven over te steken 80

 

Boetes parkeren en stilstaan

Onder parkeren wordt het stilstaan, langer dan 3 minuten bedoeld, ook al blijft u als bestuurder in de auto aanwezig. Onder stilstaan wordt een vrijwillige onderbreking op wegen of vluchtstroken bedoeld, anders dan wanneer dit door verkeerstekens/-borden wordt toegestaan.

Feit of overtreding Boete 1 Boete 2 Boete 3
Stilstaan bij onoverzichtelijke kruispunten, scherpe bochten, binnen vijf meter van een voetgangersoversteekplaats en taxistandplaatsen en daar waar het door verkeersborden verboden is. 10 15
Stilstaan voor brandplaatsen. 10
Stilstaan naast reeds stilstaande voertuigen. 15 20
Niet plaatsbesparend stilstaan. 10
Onterecht stilstaan op pechstrook of vluchthaven. 20
Stilstaan op het rijvlak van railvoertuigen. 20 30
Parkeren op trottoir of fietspad, bij onoverzichtelijk kruispunten, scherpe bochten, binnen 5 meter voor een voetgangersoversteekplaats, binnen 10 meter van een stopstreep. 15 25 35
Parkeren bij wegversmallingen, zodat voorrangsvoertuigen gehinderd kunnen worden. 60
Parkeren voor of op uitgang voor brandweervoertuigen. 35 65
Dubbel parkeren. 20 25 35
Ongeoorloofd parkeren in verkeersluwe zones. 10 15 30
Parkeren binnen 5 meter van kruispunten, uitritten, bushaltes, taxistandplaatsen, voor en na Andreaskruizen, op putdeksels en daar waar het door verkeerstekens verboden is. 10 15 30
Overschrijding van de parkeertijd of niet plaatsen parkeerschijf. 10 tot 30
Parkeren op een gehandicaptenparkeerplaats. 35
Niet plaatsbesparend geparkeerd. 10
Parkeren op een plaats voor vergunninghouders. 10
Parkeren in voetgangersgebied of andere verbodszones. 30 35
Parkeren voor in- en uitritten. 20
Ten onrechte parkeren op vlucht- of pechhaven. 25
Parkeren van een aanhanger, langer dan twee weken. 20
Parkeren binnen de rijlijn van railvoertuigen. 25 35
Parkeren op autosnelwegen of autowegen. 70

 

Boete inhalen en voorbij gaan

Zijdelingse afstand bij het inhalen: houd bij het inhalen van personenauto’s of vrachtauto’s minstens 1 meter zijdelingse afstand aan. Bij autobussen en lijndiensten op een halte minimaal 2 meter en bij passeren van fietsen, bromfietsen en motorfietsen minimaal 1,5 meter.
Let op: de toegestane maximumsnelheid mag bij het inhalen niet overschreden worden.

Feit of overtreding Boete 1 Boete 2 Boete 3
Na inhalen, bij voorsorteren, de ingehaalde hinderen. 20
Bij inhalen te weinig zijdelingse afstand aangehouden. 30
Bij inhalen de snelheid te veel verhoogd. 30
Bij inhalen niet wezenlijk harder rijden dan de in te halen bestuurder. 80 120
In gevaar brengen van het achteropkomende verkeer. 80
Rechts inhalen binnen de bebouwde kom. 30 35
Rechts inhalen buiten de bebouwde kom. 100 120 145
Inhalen bij verkeersborden 276 en 277 70
Inhalen bij een voetgangersoversteekplaats. 80
Inhalen bij onduidelijke verkeerssituaties. 100
Inhalen bij onduidelijke verkeerssituaties en inhaalverbod. 150 250 300

 

Boete verkeerslichten

Overtreding rood verkeerslicht: iIn basis wordt er een onderscheid gemaakt tussen een “eenvoudige” overtreding en “gekwalificeerde” overtreding. Onder een eenvoudige overtreding wordt het door rood licht rijden tot één seconde roodlicht bedoeld en -de duurdere- gekwalificeerde overtreding geldt als het verkeerslicht langer dan één seconde op rood stond bij passeren van het licht. Rijden door rood licht kan door flitsen of door waarneming van een bevoegde beambte worden vastgesteld.

Feit of overtreding Boete 1 Boete 2 Boete 3
Door rood licht rijden. 90 200 240
Door rood licht rijden, bij langer dan één seconde roodlicht. 200 320 360
Door rood licht rijden bij pijl voor rechts afslaan. 70 100 120
Hinderen van voetgangers en/of fietsers bij een groene pijl voor rechts afslaan. 100

 

Boete spoorwegovergang

Automobilisten moeten bij een spoorwegovergang de snelheid aanpassen om tijdig op eventuele gevaren, aanwijzingen en/of signalen te kunnen reageren.

Feit of overtreding Boete 1 Boete 2 Boete 3
Ongeoorloofd inhalen voor of op een spoorwegovergang. 70 85 105
Geen voorrang verlenen aan een spoorvoertuig bij geplaatst Andreaskruis. 80 100 120
Te snel overrijden van een spoorwegovergang. 100
Overtreding tegen de plicht te wachten. 80 100 120
Overtreding te wachten bij rood of geel waarschuwingslicht. 240 290 350
Negeren van licht, signalen of aanwijzingen. 240 290 350
Overrijden bij gesloten spoorbomen. 700

 

Boete milieu en milieuzone
Duitsland kent drie verschillende milieuzones
  • In de eerste mogen auto’s met rode, gele of groene milieustickers rijden.
  • In de tweede mogen auto’s met een gele of groene milieusticker rijden.
  • De derde zone is uitsluitend toegestaan voor auto’s met een groene milieusticker.

 

Feit of overtreding Boete 1 Boete 2 Boete 3
Onnodig veroorzaken van geluid en uitlaatgas. 10
Zonder enig doel heen en weer rijden binnen de bebouwde kom. 20
De weg bevuild of bevochtigd waarbij mogelijk gevaar kan ontstaan. 10
Bevuilen van andere verkeersdeelnemers door onachtzaam handelen. 10
Voorwerpen op de weg laten liggen die mogelijk tot gevaar kunnen leiden. 80
Zonder vereiste sticker in een milieuzone rijden. 80

 

Boete autobanden

Vuistregel voor de autobanden: in de periode van oktober tot Pasen moet in Duitsland met winterbanden gereden worden. Als alternatief zijn all-seasons banden toegestaan, mits met aanduiding M+S. De profieldiepte op de hoofdgroef moet minimaal 1.6 mm diep zijn. Aanbevolen wordt een minimale diepte van 4 mm.

Feit of overtreding Boete 1 Boete 2 Boete 3
Rijden met banden die niet aan de weersgesteldheid voldoen. 60 80 100
Als boven, maar dan een ongeval tot gevolg hebbende. 120
Rijden met auto of aanhanger met onvoldoende profiel. 60

 

Boete ongeval

Na een ongeval dient de weg zoveel mogelijk vrijgemaakt te worden. Bij een ongeval op de autosnelweg moet een gevarendriehoek of waarschuwende knipperlichten gebruikt worden. Afhankelijk van de ernst van het ongeval moet politie, arts of brandweer ingeschakeld worden.

Feit of overtreding Boete 1 Boete 2 Boete 3
Achtergelaten voertuig niet afgesloten en als obstakel kenbaar gemaakt. 30
Als betrokkene bij een ongeval het overige verkeer niet waarschuwen. 30 35
Als “kijker” bij een ongeval niet direct doorrijden. 30 35
Ongevalssporen verwijderen voordat de politie hier kennis van heeft kunnen nemen. 30

 

Boete verkeerscontrole

Over het algemeen zijn verkeerscontroles routinematig en betreft het controle van de papieren, het voertuig en dan met name de conditie van de banden, de verlichting, aanwezigheid van gevarendriehoek en waarschuwingsvest(en).

Feit of overtreding Boete 1 Boete 2 Boete 3
Het niet kunnen tonen van rijbewijs en kentekenpapieren. 10
Het niet aanwezig zijn van verbanddoos, gevarendriehoek en veiligheidsvest. 15
Niet opvolgen van aanwijzingen van de politiebeambte bij een verkeerscontrole. 20
Geen vrije doorgang geven aan voorrangsvoertuigen. 20
Stopteken van de politie negeren. 70
Aanwijzing van de politie niet opvolgen. 70

 

Boete alcohol en drugs in het verkeer

In Duitsland is een alcoholpromillage van maximaal 0,5 promille toegestaan, mits de bestuurder ouder is dan 21 jaar en geen beginnersrijbewijs heeft. Bij misbruik van zowel alcohol of drugs geldt bij een verkeerscontrole een boete van:

  • Eerste keer 500 euro.
  • Tweede keer 1000 euro.
  • Derde keer 1500 euro.

 

Boete mobiel bellen

In het algemeen geldt dat de mobiele telefoon indien spraakgestuurd of NIET in de hand gehouden gebruikt mag worden (als telefoon of navigatie). Gebruik mag niet ten koste gaan van de verkeersveiligheid

Feit of overtreding Boete 1 Boete 2 Boete 3
Onjuist gebruik van het mobieltje. 100 150 200

 

Voorbeelden van lichte en zware overtredingen
Voorbeelden lichte overtredingen
  • Rijden met niet goed gezekerde lading.
  • Rijden zonder veiligheidsgordel.
  • Vervoeren van kinderen zonder kinderzitje.
  • Rijden met te weinig profiel op de banden.
  • Snelheidsovertredingen minder dan 20 km/u.
  • Met vervuild voertuig rijden in een milieuzone.
  • Het niet kunnen tonen van het rijbewijs.

 

Voorbeelden zware overtredingen
  • Dronken achter het stuur aan het verkeer deelnemen.
  • Bumperkleven.
  • Oneigenlijk gebruik van de vluchtstrook.
  • Gevaarlijk verkeersgedrag.
  • Negeren van een rood verkeerslicht.
  • Negeren van een inhaalverbod.
  • Snelheidsovertredingen boven 20 km/u.

Bovenstaande informatie is zorgvuldig samengesteld.
De redactie van Trucker Appy is echter niet aansprakelijk voor eventuele schrijf- en typfouten.

 

Boetes België

In België kent men, bij verkeersovertredingen, vier verschillende categorieën, namelijk: overtredingen van de eerste, tweede, derde en vierde graad. Het vaststellen van de graad van de overtreding wordt bepaald door de ernst van de gemaakte overtreding. Hoe groter het risico op een ongeval ten gevolge van uw verkeersgedrag is, des te hoger de boete die zal worden opgelegd. De boetes variëren bij onmiddellijke inning/betaling vanaf 58 euro. Het gaat dan om boetes die vallen onder de eerste graad. Als Nederlander/buitenlander moet u – bij uw bezoek aan België – de verkeersboetes in principe direct contant betalen. Voor snelheidsovertredingen starten de boetes bij 53 euro.

Verkeersboetes van de eerste tot en met de vierde graad in België

Onder de eerste graad vallen de lichte overtredingen. Denk hierbij aan het niet gebruiken van de richtingaanwijzer of het parkeren bij een onderbroken gele belijning. Oplopend in ernst wordt bekeurd voor overtredingen in de tweede, derde of vierde graad. Voor zwaardere overtredingen uit de vierde graad wordt de hoogte van de boete – voor inwoners van België – altijd door de rechtbank vastgesteld, waarbij een geldboete van maximaal 4000 euro opgelegd kan worden en waarop mogelijk een rij-ontzegging of intrekking van het rijbewijs kan volgen.

Voor buitenlanders op bezoek, vakantie of “doorreis” geldt een directe inning van een enkelvoudige boete van maximaal 473 euro (vierde graad). Voor alle opgelegde verkeersboetes geldt dat er in principe direct betaald moet worden.

Inhoud

 

Boete te hard rijden België 2020

Voor boetes, opgelegd voor overschrijding van de maximum toegestane snelheid geldt een aparte, overzichtelijke regeling. Hierbij wordt een onderscheid gemaakt tussen snelheidsovertredingen “binnen de bebouwde kom” en snelheidsovertredingen, begaan op “overige wegen”.

Snelheidsovertreding binnen de bebouwde kom

Inclusief erf, woonerf, 30-km zone en de omgeving van scholen.

Snelheidsoverschrijding Boetebedrag Sanctie*
0 tot 30 km/u Euro 53, plus 11 euro per te hard gereden km/u
Vanaf 30 km/u Van 80 euro tot en met 4000 euro De rechtbank beslist.

 

Snelheidsovertreding buiten de bebouwde kom

Onderstaande geldt voor overige wegen.

Snelheidsoverschrijding Boetebedrag Sanctie*
0 tot 40 Euro 53, plus 6 euro per te hard gereden km/u
Vanaf 40 km/u Van 80 euro tot en met 4000 euro De rechtbank beslist.

 

Betalen van de boete of bekeuring

Wie geflitst wordt, krijgt normaal gezien binnen een week een brief met een vragenlijst. Daarna krijgt u een tweede brief met de effectieve boete en een uitleg over hoe en wanneer u moet betalen. Dat gebeurt altijd met een overschrijving. De bevoegde ambtenaar kan u alleen verzoeken om onmiddellijke betaling als u in het buitenland woont.

Overtredingen van de eerste graad

De verkeersovertredingen die niet zijn ondergebracht in de tweede, derde of vierde graad – waarvan de tweede en derde graad weergegeven worden in onderstaande tabellen – vallen onder de eerste graad. De hoogte van de boete voor overtredingen die vallen onder de eerste graad bedragen:

  • Bij onmiddellijke inning: vanaf 58 euro
  • Bij minnelijke schikking: 85 euro

Bij niet betalen na een minnelijke schikking wordt de hoogte van de boete door de rechter bepaald en ligt tussen de 80 en 2000 euro.

Overtredingen van de tweede en derde graad

Let op: de omschrijving van de overtredingen betreft trefwoorden/omschrijving van de kern van de overtreding. Voor een volledige tekst en aanvullende informatie gaat u naar het artikel dat bij elke overtreding is aangegeven op wegcode.be..

Overtredingen van tweede graad

De hoogte van de boete voor overtredingen die vallen onder de 2de graad bedragen:

  • Bij onmiddellijke inning: 116 euro
  • Bij minnelijke schikking: 160 euro

Bij niet betalen na een minnelijke schikking wordt de hoogte van de boete door de rechter bepaald en ligt tussen de 160 en 2000 euro.

Het als bestuurder en/of weggebruiker handelen in strijd met de regels voor/betreffende

Bij een aantal overtredingen wordt verwezen naar één of meerdere verkeersborden. De bedoelde verkeersborden en de beschrijving kunt u nazien in het overzicht op: verkeersborden België.

Art. 7.3 Art. 8.3 Art.8.3 Art.8.4 Art.10.1.1
Onveilig weggedrag Voertuigbeheersing lichaamsgesteldheid Begeleiding dieren Mobiel bellen Snelheidsaanpassing
Art.10.1.3 Art 10.2 Art.10.3 Art.12.1 Art.12.2
Tijdig kunnen stoppen Aangeven stoppen Vee op de weg Spoorwegvoertuigen Oprijden kruispunten
Art.12.3.1 Art.12.3.1 Art.12.4 Art.12.5 Art.16.3
Voorrang verlenen Verkeersborden
B1 en B5
Voorrang kruisen trottoir, fietspad Voorrang nemen,afdwingen Inhalen bij voorsorteren
Art.16.9 Art.18.2 Art.19.2.2 Art.21.4.4 Art.22
Inhalen spoorvoertuigen Volgafstand buiten bebouwde kom Voorsorteren rechts afslaan Stilstaan autoweg, autosnelweg Verkeersborden F99a en F99b
Art.24 Art.25.1.4 Art.25.1.14 Art.30.1.1 Art.30.1.2
Verbod parkeren, stilstaan Verbod parkeren Parkeren gehandicapten- parkeerplaats Voeren grootlicht Voeren mistachterlicht
Art.35.1.1 Art.35.1.3 Art.44.1 Art.45.1 Art.45.2
Dragen veiligheidsgordel Wijze dragen veiligheidsgordel Aantal personen veiligheidsgordel Vervoeren lading Afdekken lading
Art.45.3 Art.45.4 Art.45.6 Art.61.1.2 Art.5 en 67.3
Ondeelbare lading Vastzetten lading Lading bij open deuren Stoppen verkeerslicht Verkeersborden B1 en B5

 

Overtredingen van derde graad

De hoogte van de boete voor overtredingen die vallen onder de derde graad bedragen:

  • Bij onmiddellijke inning: 174 euro
  • Bij minnelijke schikking: 235 euro

Bij niet betalen na een minnelijke schikking wordt de hoogte van de boete door de rechter bepaald en ligt tussen de 240 en 4000 euro.

Het als bestuurder en/of weggebruiker handelen in strijd met de regels voor/betreffende
Art.4.1 Art.9.2 Art.15.1 Art.15.2 Art.15.3 en 16.5
Bevelen bevoegde personen Volgen van de rijbaan Kruisen, tegemoet komend verkeer Zijdelingse afstand kruisen Gebruik berm bij kruisen
Art.15.4 Art.16.7 Art.17.1 Art.17.2.1 Art.17.2.4
Kruisen spoorvoertuigen Gedrag bij ingehaald worden Verbod links inhalen Verbod links inhalen bij A45 en A47 Verbod inhalen bij ingehaald worden
Art.17.2.5 Art.19.2. Art.19.3.3 Art.19.4 Art.19.5
Inhalen bij oversteekplaats Inhalen bij voorsorteren Voorrang bij richting veranderen Voorrang aan rechtdoorgaand verkeer Voorrang voetgangers bij afslaan
Art.22bis Art.22quinq Art.22sexies Art.22septies Art.30.1
Rijgedrag in woonerven en erven Gedrag zwakkere verkeersdeelnemers onderling Rijgedrag in voetgangerszones Rijgedrag in speelstraten Voeren van verlichting op motorvoertuigen
Art.30.3.2 Art.30.4 Art.35.1.1 Art.35.1.1 Art.35.1.1
Voeren van verlichting aanhangwagens Voeren van omtreklichten brede voertuigen Personen in kinderbeveiligings- systemen Zitplaatsen zonder veiligheidsgordel Taxi’s en kinderbeveiligings- systemen
Art.35.1.1 Art.35.1.1 Art.35.1.1 Art.35.1.1 Art.35.1.1
Vervoer kinderen onder 18 jaar Kinderbeveiligings- systemen in motorvoertuigen, anders dan auto’s Vervoer op bromfiets of motorfiets Vervoer op zware motorfiets Vervoer op tweewielige bromfiets
Art.35.1.1 Art.35.1.2 Art.35.1.3 Art.38 Art.39bis
Vervoer op motorfiets met zijspanwagen Vervoer personen voertuigen acht zitplaatsen Gebruik kinderbeveiligings- systemen Voorrang verlenen voorrangsvoertuigen Gedrag bij schoolkinderen vervoer
Art.40.1 Art.40.1 Art.40.1 Art.40.1 Art.40.3.1
Gedrag bij verkeersborden D9 en D10 Gedrag bij verkeersborden F99a en F99b Gedrag bij verkeeersborden F12a en F12b Gedrag bij verkeersborden F103 en F105 Rijgedrag bij haltes
Art.40.3.2 Art.40.4.1 Art.40.4.2 Art.40bis1 Art.40bis2
Rijgedrag haltes, bij afwezigheid vluchtheuvel Overstekende voetgangers Naderen voetgangers- oversteekplaats Voor laten gaan groepen voetgangers Volgen aanwijzingen verkeersbrigadiers
Art.40ter Art.41.1 Art.41.2 Art.41.3.1 Art.44.1 lid 3
In gevaar brengen voetgangers, fietsers,bromfietsers Doorsnijden colonne Naderen wielerwedstrijd Opvolgen aanwijzingen Aantal toegestane inzittenden
Art.44.1 lid 4 48bis 1 Art.61.1.1 Art.61.1.5 Art.63.2.1
Beveiligingssysteem inzittenden kleiner dan 135 cm. Verkeersborden: C24a, C24b, C24c Negeren rood licht Gedrag bij verkeerslicht met groene pijl Lichten boven rijstroken van de rijbaan
Art.5 en 68.3 Art.5 en 68.3 Art.5 en 68.3 Art.5 en 68.3 Art.5 en 68.3
Verkeersbord C1 Verkeersbord C24a Verkeersbord C24b Verkeersbord C24c Verkeersbord C35
Art.5 en 68.3 Art.72.2 Art.73.1en 73.2 Art.45bis 4 en 5 Art.85.3
Verkeersbord C39 Overrijden doorlopende streep Overrijden doorlopende oranje streep Zekeren van de lading Norm kinderbeveiligings- systeem

Bovenstaande informatie is zorgvuldig samengesteld.
De redactie van Trucker Appy is echter niet aansprakelijk voor eventuele schrijf- en typfouten.